 |
|
Levensloopbaan
en incest
Incest heeft gevolgen
voor alle onderdelen van het leven: voor de lichamelijke en geestelijke
gezondheid, voor het welbevinden als opgroeiend kind, partner, gezins-
en familielid, voor school en studiekeuze, beroep, werk en loopbaan en
voor de sociale en materiële leefsituatie.
Door te leven bouwen we een curriculum vitae (CV) op. Mensen met een
incestverleden hebben vaak gebroken CV's: lappendekens van al dan niet
af gebroken studies, banen en periodes van niet kunnen werken tot rijk
gevulde levens met gevarieerde talenten en vaardigheden. Nel Draijer
heeft in haar onderzoek 'Seksuele traumatisering in de jeugd' (SUA,
1990) uitvoerig de lichamelijke en geestelijke gevolgen van incest op de
lange termijn beschreven. Specifieke hulpverlening is op gang gekomen.
Tien jaar en vele
verwerkingsgeschiedenissen verder zijn er nog geen feiten en cijfers
over de gevolgen voor studie en beroep en de vertaling daarvan in een
sociaal maatschappelijke leefsituatie. Gegevens over de materiële
leefsituatie van slachtoffers ontbreken eveneens. Zo ook een financiële
vertaling op maatschappelijk en individueel niveau van de kosten van
verwerking van incest. De feiten kennen de slachtoffers. Het wordt tijd
dat deze feiten naar buiten komen. Hiervoor is (zelf)onderzoek nodig. De
Vereniging tegen Seksuele Kindermishandeling binnen het gezin (VSK) is
een onderzoek gestart naar de gevolgen van incest voor school, studie en
arbeid. 30 oktober 2002 organiseren zij een congres met dit thema, waarin de
onderzoeksresultaten worden aangeboden aan instellingen die te maken
hebben met opleiding en arbeid.
De 3 CV's
Om inzicht te verschaffen in kwaliteiten en vaardigheden, om rode draden
in levensgeschiedenissen te ontdekken en die bewust te kunnen gaan
inzetten in het werkend bestaan en om verbanden te gaan zien tussen
school, studie, werk en privé is het samenstellen van verschillende
CV's een goed hulpmiddel.
Naast het officiële CV met feitelijke gegevens over opleiding en
carrière geeft het 'officieuze CV' informatie over alle vaak niet
betaalde activiteiten als vrijwilligerswerk, politieke en bestuurlijke
werkzaamheden, werk als ouders op scholen, kunstzinnige activiteiten,
bijzondere hobby's en de bijna vanzelfsprekende zorgtaken voor het eigen
gezin, de partner of voor familie, buren en vrienden. Incestslachtoffers
hebben de neiging veel van hun kwaliteiten in het 'officieuze circuit'
te stoppen, waarbij vrouwen door de socialisatie toch al meer
vanzelfsprekend zorgtaken op zich nemen en mannen last hebben van het
feit dat ze geacht worden in het officiële CV te moeten presteren.
Het andere uiterste van
een goed gevuld officieel CV met een bliksemcarrière komt uiteraard ook
voor. Alle energie wordt dan in school, studie en beroep gestopt, als
zijnde terreinen waar gevoel van eigenwaarde aan ontleend kan worden.
Dit is een overlevingsstrategie.
Om inzicht te krijgen in hoe incest de totaalbalans van het leven
beïnvloedt dan is een derde CV van belang: het CV van de
incestverwerking.
Het CV van de
incestverwerking
Dit derde CV kunnen we indelen in een aantal fases: de onbewuste fase,
de bewuste fase, de verwerkingsfase en de zingevingsfase.
Tijdens de onbewuste fase
wordt een houding in stand gehouden van: 'met mij is niets aan de hand;
ik ben net als iedereen'. Aan een studie beginnen, hard werken, een
gezin stichten is een overlevingsstrategie terwijl er diep van binnen
toch gevoeld wordt dat er iets is. 'Er zit een duiveltje in mij, dat
roept over een ver en vreemd verlangen'.
In de bewuste fase heeft
het duiveltje terrein gewonnen. Het bewustzijn dat er iets aan de hand
is groeit, maar: 'ik zal laten zien dat ik nog steeds ben als iedereen,
dus… aan mij valt niets te zien'. De overlevingsstrategie gaat
krachtiger werken. Nog harder studeren en werken, extra klussen
aanpakken: 'op mij kan iedereen altijd rekenen; ik zeg geen nee'. Steeds
slimmer wordt het duiveltje onderdrukt. Het lukt om tussen alle
activiteiten in net genoeg adem te halen.
En dan lukt het niet meer
om het duiveltje binnen te houden. Buiten adem wordt een innerlijke
strijd opgegeven. De verwerkingsfase breekt aan. Eindelijk lukt het om
slachtoffer te mogen zijn, om te gaan vertellen en voelen. De sluizen
van verdriet, woede, angst, schuld en schaamte gaan open. Het lichaam
gaat meedoen: alle oude pijn weekt los. Nu is er rust nodig, verzorging,
adequate hulp, mensen die oordeelloos willen luisteren. Een zware fase,
waarin afscheid genomen moet worden van het (oude) zelfbeeld en
gerealiseerd wordt welke schade geleden is door de incest. Het is echter
ook de fase waarin de vaardigheden en kwaliteiten, die ingezet zijn om
te overleven in de jeugd, nu ingezet kunnen worden om te genezen.
In de vierde fase
tenslotte kunnen de drie CV's met terugwerkende kracht geïnterpreteerd
worden. Ambities worden losgeweekt van de incestgeschiedenis en nieuwe
mogelijkheden kunnen onderzocht worden. Er ontstaat ruimte voor het
maken van eigen keuzes en voor de vraag naar de zingeving van de
levensgeschiedenis. Aangeleerde overlevingsstrategieën kunnen nu bewust
ingezet gaan worden in nieuwe banen, studies, in een eigen onderneming,
in vrije tijd en in relaties. Oude strategieën kunnen ook transformeren
in nieuw gedrag, zoals het doorgeven van je persoonlijk opgebouwde
levenswijsheid.
Leven in uitersten
De gevolgen van incest voor school, studie, werk en carrière kunnen per
fase uit bovenstaand model bekeken worden. Uiteraard met de kanttekening
dat dit model dient als leidraad. Ieder mens is uniek in zijn
geschiedenis en reacties!
De eerste fase
In de eerste fase zorgt het duiveltje van het verre en vreemde verlangen
voor concentratiestoornissen en problemen met het geheugen. Moeilijk
leren of overdreven hard leren, wisselen elkaar af. Examens halen vergt
veel inspanning want presteren onder druk wordt geassocieerd met
vroegere situaties van incest. Dissociëren als techniek om met spanning
om te gaan zorgt ervoor dat examens onnodig niet gehaald worden.
Dissociëren is het loskoppelen van gevoel en verstand zodat het
werkelijk voelen wat in het hier en nu gebeurd vermeden wordt.
Oppervlakkig gezien lijkt het alsof er niets aan de hand is. Deze
toestand van gevoelloosheid kan zelfs overgaan in een vorm van
verstarring. Het telkens weer terug komen in de realiteit kost tijd en
energie.
Een vorm van zelfbescherming, zoals: heel hard werken, passief worden of
deze uitersten afwisselen veroorzaakt disbalans. Werken net beneden het
eigenlijke vermogen of net daarboven voorkomt het onder ogen zien van
wat er werkelijk aan de hand is. Voor de (werk)omgeving is dit moeilijk
te begrijpen, zeker omdat dit mechanisme niet toegegeven kan worden. Als
al begeleiding geaccepteerd kan worden dan zal de neiging bestaan om
deze begeleiding overdreven te accepteren (sprookjes maken), zodat er
geen zelfstandige beslissingen genomen hoeven worden, of er worden
gevechten gevoerd met leidinggevenden (autoriteitsconflicten). Contact
met anderen wordt sterk bepaald door het onvermogen goed met grenzen om
te gaan. Grenzen tussen ik en de ander worden niet gevoeld, kunnen dus
ook niet bewaakt worden. Grenzen kunnen, uit angst ook zo stevig
neergezet worden, dat prettig contact onmogelijk is
(schijnassertiviteit).
Het is moeilijk om echt eigen keuzes te maken. Het besef dat er eigen
keuzes gemaakt mogen worden is niet of nauwelijks ontwikkeld. In de
werksituatie worden telkens de incestsituaties uit het gezin van
herkomst opgezocht. Dit biedt onbewust de mogelijkheid om alsnog anders
dan toen te kunnen reageren.
De tweede fase
In de bewuste fase wordt nog meer krampachtig vastgehouden aan studie of
werk. Het risico
om burnout te raken is groot. De verhoogde kramp drijft de
prestatiedrang nog meer op,
zodat een vicieuze cirkel ontstaat. Niemand mag merken dat iets moeilijk
is. Fouten maken is uit den boze. Faalangst en perfectionisme gaan hand
in hand. Echt vruchtbaar samenwerken en delegeren is moeilijk. Hulp
accepteren is bedreigend: 'Ik ben niet zielig, ik kan het alléén!'.
Het oogsten van successen, genieten van behaalde resultaten en het trots
mogen zijn op de eigen kwaliteiten en successen is niet geleerd. Sterker
nog, de volgende prestatie levert vast nog veel meer op. Achter de
volgende berg is het nog mooier. De neiging te grote carrièrestappen te
zetten om daar vervolgens van te schrikken komt uit dit mechanisme
voort. Hulp vragen en ook echt accepteren blijft bedreigend. Als het dan
toch niet lukt of ziekte dreigt, dan wordt dit als een nederlaag
ervaren. Het zelfbeeld daalt dan dermate dat geloof in eigen kunnen
helemaal verdwijnt: 'ik ben niets waard, ik durf niet te laten zien wat
ik kan'. Bij solliciteren, het maken van tests en bij het presenteren
van werk breekt dit op. Terwijl presteren onder druk sowieso al moeilijk
is.
De derde fase
Bij het gaan verwerken van de gevolgen van incest mag eindelijk de kramp
los. Een aantal dilemma's spelen een rol. 'Wie vertel ik wel en wie
vertel ik niet mijn geschiedenis? Met welk doel? Hoe doe ik dat? Loop ik
niet het gevaar dat mensen hun vooroordelen op mij loslaten'. Iedereen
heeft wel eens iemand op de TV over incest horen vertellen, maar iemand
die je kent, waar je mee werkt 'life' horen vertellen is nog wat anders.
Het gaan geloven in een toekomst, die zelf vorm gegeven kan worden lijkt
haast onmogelijk. Het duiveltje van het verre en vreemde verlangen heeft
het besef van een eigen toekomst omgezet in 'als ik het verleden
overleef zal het ooit beter gaan'. In het heden vormgeven aan eigen
wensen lijkt vervolgens niet tot de mogelijkheden te behoren.
Slachtofferschap toestaan is nodig in deze fase. De valkuilen daarbij
zijn dat het geloof in eigen kunnen nog meer daalt, dat het eindelijk
aanvaarden van hulp prettig is, maar ook afhankelijk maakt en dat te
veel vertellen op plekken waar dat eigenlijk niet goed is tegen ons
werkt. Een kwetsbare fase waarin het risico aanwezig is opnieuw
misbruikt te worden.
Slechte ervaringen met gaan praten over onze geschiedenis kan onnodig
lang een isolement veroorzaken. Tijdelijk isolement is echter wel nodig:
echt verwerken doe je in eenzaamheid.
In deze fase is rust nodig: even helemaal niets hoeven. Tijd en energie
is hard nodig om te kunnen verwerken en toch is ook voldoende uitdaging
nodig om niet helemaal in een vacuüm terecht te komen. Reëel inzicht
in eigen kunnen, goed overleg met het werk, de therapeut, de
loopbaanbegeleiding en/of uitkeringsinstanties zijn nodig om te bekijken
wat in deze periode aan activiteiten haalbaar is.
De vierde fase
Slachtofferschap uiteindelijk weer loslaten is moeilijk. Het bepaalt
tenslotte ook een deel van de identiteit. Het opbouwen van geloof in
eigen kunnen is niet eenvoudig. Dat eigen kunnen ook nog eens opnieuw
gaan presenteren in de buitenwereld is een klus. De grootste klus is het
werkelijk accepteren van de persoonlijke geschiedenis. Tegelijkertijd
vormt dit ook de beloning voor al het verwerkingswerk. Gaan breken met
oude (loopbaan)patronen is nu aan de orde. Tegen de verdrukking in
presteren is overbodig geworden, ook al voelt dit in eerste instantie
leeg en beangstigend. Stoppen met eindeloos dezelfde conflicten aangaan
geeft een nieuwe manier van samenwerken. Vertrouwen op zelfkennis en
doen waar je goed in bent levert plezier op. Genieten van successen, van
nieuwe werkrichtingen en studies wordt gewoon en blijft toch bijzonder.
Eindelijk kunnen vaardigheden ingezet worden om te leven in plaats van
te overleven. Er komt veel energie vrij om al die talenten en
creativiteit te gebruiken. Gevoel en lichaam mogen meedoen. Relaties
krijgen nieuwe vormen, liefde is niet meer bedreigend. Vitaliteit,
zingeving en intuïtie werken nu samen om de loopbaan verder richting te
geven.
Slotopmerkingen
De schade die incest veroorzaakt is niet voor elk slachtoffer volgens
een schema in kaart te brengen. Herstel hangt sterk af van de
mogelijkheden die het slachtoffer in zichzelf en in anderen heeft kunnen
aanboren, zowel tijdens de incest als bij het verwerken daarvan. Zo
heeft het al dan niet zelf kunnen stoppen van de incest consequenties
voor de mate waarin men later het leven in eigen hand kan nemen.
De gevolgen van emotionele incest in de vorm van emotionele
verwaarlozing of bezetting kunnen sterke verwantschap vertonen met de in
dit artikel genoemde gevolgen van lichamelijke incest. Hetzelfde geldt
voor andere vormen van lichamelijk geweld. Het niet respecteren van de
lichamelijke en geestelijke grenzen van het individu heeft verstrekkende
gevolgen voor het vermogen tot loopbaanzelfsturing.
Maria Pinxter
Heemstede, 4 februari 2001
Gepubliceerd in: Perspectief,
jaargang 17 (2001) nummer 3
|
|
Home
Werkwijze
Oriëntatie
Levensloop
Arbeidsreïntegratie
Outplacement
Loopbaanbegeleiding
Coaching
Coaching in de natuur
Supervisie
Publicaties
Ervaringen Cliënten
Praktische wenken /
meer weten
Routebeschrijving
Extra: Expositie
|